back
back

Op 1 februari 2019 kregen we de sleutel van ons nieuwe huis. En na twee weken muurtjes breken, behang afstomen en héél veel schilderen, konden we er op 16 februari voor het eerst slapen. Inmiddels wonen we dus alweer een jaar in de Vinex. In de wijk waarvan we vroeger altijd zeiden dat we er nog niet dood gevonden wilden worden. Een kind krijgen doet rare dingen met je, dat blijkt maar weer.

Meer ruimte, minder onderhoud
De keuze om hier te gaan wonen, was er van te voren al eentje waar we behoorlijk over twijfelden. Maar we wilden graag een groter huis waar we minder onderhoud aan hadden, zonder torenhoge hypotheek. En dan kom je al snel uit in de buitenwijken van je stad. Maar willen we dat wel? Gelukkig hadden we die twijfel allebei, waardoor we af konden spreken dat we het voor een paar jaar zouden proberen. Als we niet kunnen aarden, verkopen we het weer en gaan terug naar een wijk waar we wel blij van worden. Dus zo gezegd, zo gedaan.

Hoe bevalt het?
De wijk is objectief gezien prima. Het is enorm groen, je loopt zo de wijk uit en de polder in, er is een winkelcentrum met alles wat je nodig hebt, we hebben er een fantastische gastouder gevonden en het is er over het algemeen heel rustig. En toch voel ik hem nog niet helemaal: het blijft een beetje niksig. Ik mis het dorpse karakter en het eigene van onze vorige buurt. De oude huisjes. De kaasboer die altijd iets te zeiken heeft. De buurtkroeg om de hoek. En de connectie met de binnenstad. Het is maar een kwartier fietsen (twintig minuten met wind tegen en ok, het waait altijd), maar toch voelt als een wereldreis. Ik mis de stad. Als ik goed kijk, zie ik vanuit het slaapkamerraam de Peperbus in hartje Zwolle, maar verder zou het ook Spijkenisse of Almere kunnen zijn.

En het huis?
Ik ben heel blij met ons huis. Echt. Hoewel ik dol was op ons oude jaren-dertig-huis, heb ik het nog geen minuut gemist. De irritaties over het ruimtegebrek, die eeuwige lekkage, het achterstallig onderhoud van de buren en de gehorigheid zorgen ervoor dat deze oase uit 1998 vooral als een verademing voelt. Het is groot, het is goed geïsoleerd en het is, op een heel andere manier dan ons vorige huis, gezellig. De eerste weken voelden echt als een luxe vakantie. Ineens hadden we een vaatwasser, een riant ligbad (omg jongens, er gaat niks boven series kijken in bad) een aparte ruimte voor de wasmachine en een babykamer die drie keer zo groot is als de vorige. Het is nog steeds niet helemaal af (note to self: ga nou eens aan de slag), maar het voelt als thuis. Voor nu. Want stiekem kijken we ook alweer op Funda, op zoek naar iets anders.

Oh, echt?
We hebben echt he-le-maal niks met de buurt, dat is het belangrijkste punt. Ik heb nu pas door hoe belangrijk het is om in een wijk te wonen waar je je thuisvoelt, in plaats van in een anonieme nieuwbouwwijk. Natuurlijk hebben we hier ook onze ritueeltjes, kennen we de leuke plekjes inmiddels en fiets je zo de stad in, maar toch. Ik voel me hier op geen enkele manier mee verbonden.

Geeft niks, we hebben dat gevoel gelukkig allebei en het komt voor ons beiden niet als een verrassing. Nu de vraag: what’s next? En wanneer? We zullen het zien. Voorlopig zitten we hier nog wel even, ik ben net bekomen van de vorige verhuizing 😉


Leave a Reply

Over mij

Ha. Ik ben Nikki, 29 jaar, geïmporteerd West-Fries in Zwolle. Ik heb een man, een dochter en twee katten. Sinds februari 2019 woon ik in mijn ultieme schrikbeeld: de Vinex. Hier vind je meer over mijn avonturen.

Freelance tekstschrijver

Instagram

@ Nikki

Pinterest