Category

ZZP

Category

Goedemorgen! Waar mijn 20 x de 20ste van vorige maand nog een dag vol avontuur was, was vrijdag 20 mei beduidend minder spannend. Ik heb letterlijk de hele dag op kantoor gezeten. Typend. Dus, bereid je voor op een dag vol gave content.

6.03 Goedemorgen! Ik heb vandaag knetterveel te doen, dus ik ben al gedoucht, aangekleed en ga meteen naar kantoor. Even een dagje knallen terwijl de man de dames managet.
6:06 Even een weerbericht: het is een mooie ochtend. Blauwe lucht en grote mistflarden.
06:15 Op de zaak! Ik ga normaal altijd met de fiets, maar omdat er vanmiddag heel slecht weer verwacht wordt, ben ik maar even met de auto gegaan. Groot voordeel van op dit onchristelijke tijdstip beginnen, is dat er zowaar nog plek is voor de deur.
06:17 Goedemorgen kantoor <3
06:23 Eerst ontbijt, anders kan ik niet denken. Twee crackers met kaas, water en koffie. En vooruit, daarna nog een bakkie.
07:56 De eerste deadline is gehaald! Groot voordeel van zo vroeg beginnen. Ondertussen hoor ik hoe de rest van het pand ook volloopt. Uitslapers 😉
09:17 De zon schijnt precies in mijn ogen, dus ik doe de lamellen dicht. Dat is alleen niet zo’n heel denderende combinatie met al mijn planten in de vensterbank. (ja jongens, ik zei toch dat dit een dag vol boeiende content zou worden?)
10:36 Oeh, een pakketje! Ik heb mezelf een Wacom cadeau gedaan, om mijn Illustrator-kunsten naar een hoger plan te tillen.
10:51 Even oefenen in Photoshop, met een post die ik toch nog moest maken voor een opdrachtgever. Grappig hoe zo’n tekentablet nog best intuïtief werkt!
12:49 Typen, typen, typen. Ik werk vandaag aan webteksten voor een groot bouwbedrijf en maak locatieportetten van subsidieaanvragers voor een ministerie. Daarvoor heb ik vandaag 4 zoomgesprekken van 45 minuten.
13:58 Ik ben de hele dag nog niet buiten geweest, dus het is tijd voor een ommetje.
14:30 En daarbij liep ik toevallig ook even langs de supermarkt voor een paar middagsnackies. Ik moet nog 2 intensieve gesprekken volgen vanmiddag, dus een kleine suikerboost is wel even lekker.
14:40 En doorrrrrr. Groot voordeel van je eigen kantoor hebben, is dat je gewoon je schoenen uit kunt trekken als je daar zin in hebt.
14:45 Weerupdate: het regent inmiddels.
14:50 Jasje weer aan en door naar de volgende call. Om 17:15 ben ik twee interessante verhalen verder en vooral helemaal gaar. Dus ik klap de laptop dicht en ga lekker naar huis. In de stromende regen, dus die auto was een goede inschatting vanmorgen.
17:21 Aah, mijn bestelling voor dit weekend is binnen. 12 flesjes witte wijn, hatsee.
17:45 Wij een vrijmibo en de dames aan het diner. De meisjes eten pizza. Althans, de oudste. De jongste blijkt pizza ineens te haten (???) en weigert het te eten, dus ik ga overstag en warm iets anders voor haar op.
19:32 Wachten tot ons jongste spruitje ook slaapt. Ze valt steeds bijna in slaap en begint dan weer te huilen. Dus ik loop 10x heen en weer om te sussen, spenen te pakken en liedjes te zingen.
19:40 De bijna-kleuter heeft de overloop voor het slapen gaan nog even opgeleukt met een gezellig landschapje.
19:43 Diner voor twee! Lasagne met spinazie en veeeeeeeel kaas. En ondertussen lopen we nog 2 keer naar boven voordat de dreumes zich eindelijk overgeeft aan de slaap.
20:58 Mijn wederhelft haat Rummikub, maar omdat ik het zo leuk vind, wil hij toch twee potjes met me spelen. Die ik allebei verlies trouwens, jammer. Daarna doen we nog een potje Keer op Keer en om 21:30 vind ik het wel mooi geweest voor vandaag.

Wat een dag hè? Grootse avonturen beleefd, amper 1500 stappen gezet, maar wel heel veel woorden getypt en boeiende verhalen gehoord. Diep respect als je tot het eind van dit bericht bent gekomen, ik hoop dat 20 juni een spannendere dag wordt 😉

‘Wat dapper!’
‘Dat zou ik nooit durven.’
‘Stoer hoor, als je een gezin hebt!’*

Dit is een kleine greep uit de reacties die ik krijg als ik vertel dat ik afgelopen zomer mijn baan opgezegd heb om voor mezelf te beginnen. Ik moet daar altijd erg om lachen, want als er iemand niet dapper is, dan ben ik het. Ik zou mezelf zonder twijfel aan de zekerheidzoekende kant van het universum plaatsen. Wat ik wél ben, is nuchter. En iemand die altijd oplossingen zoekt. Dus voordat ik vorig jaar de beslissing nam mijn baan op te zeggen, had ik eerst oplossingen gezocht voor wat er mogelijk mis kon gaan.

Doemscenario bedenken
Wat me daarbij enorm hielp, was het beantwoorden van de vraag: ‘Wat is het ergste dat er kan gebeuren?’ Nou, geen opdrachten krijgen, dus geen inkomen hebben. Hoe kon ik dat oplossen? Met een buffer, zodat ik het een poosje uit kon zingen zonder inkomen. Dus spaarde ik een deel van mijn salaris om de eerste maanden uit te kunnen zingen en zet ik nu ook 20% van iedere betaalde factuur opzij om een potje aan te leggen.

En daarnaast bedacht ik me, dat als het echt niet ging lukken, er altijd wel werk is. Achter de kassa, in de horeca, terug bij een marketingbureau, op een communicatieafdeling: werken kan altijd. Die gedachte gaf me rust. Het ergste dat er op dit gebied kon gebeuren, was dat ik iets anders moest gaan doen dan ik eigenlijk van plan was. Nouja, soit.

Berekenen hoeveel je moet verdienen
Daarnaast was het ook fijn om te weten wat ik minimaal moet verdienen om mijn deel van de vaste lasten te betalen en ook nog eens nieuwe onderbroeken te kunnen kopen. Dus dat berekende ik ook. Dat viel me best mee, al heb ik natuurlijk ook het geluk dat ik een man met een baan en een niet al te duur huis heb (dat laatste is een bewuste keuze, de man had ik al voor ‘ie een baan had). Ik wil niet op zijn zak teren, want ik ben een zelfstandige vrouw, maar in ultiem geval van nood staan we niet hongerig op straat.

Verder geef ik niet zoveel om luxe, hebben we maar één auto, ben ik twee jaar geleden gestopt met mijn haar laten verven bij de kapper (iedereen die wel eens geblondeerd is, weet dat die kosten serieus meewegen in je begroting) en koop ik mijn onderbroeken bij de Zeeman. Scheelt allemaal in de kosten. Dus dat is ook een tip: kijk wat je maandelijks uitgeeft en of je dat nog kan betalen als je geen salaris meer hebt. If not: bezuinig. Of begin niet voor jezelf.

Niet zo moeilijk doen
Ik heb besloten dat ik in dit eerste jaar bíjna alles aanpak. Dat staat haaks op het advies dat de gemiddelde Instagram-businesscoach geeft, want je moet alleen maar dingen doen waar je dolgelukkig van wordt en je niet laten afleiden van je doelen, etcetera, etcetera, maar ik heb ook gewoon een hypotheek te betalen. Dus werk ik met een vrij eenvoudige vragenlijst bij nieuwe aanvragen: 

  • Heb ik er tijd voor zonder dat ik er nachtrust voor moet opofferen of de kinderen erbij inschieten?
  • Heb ik er zin in of verdient het goed genoeg om er zin voor te maken?

Als het antwoord op beide vragen ja is, dan ga ik ervoor. En dat zorgt ervoor dat ik nu heel veel verschillende dingen doe voor verschillende opdrachtgevers. Soms niet 100% vanuit mijn ultieme passie en liefde, maar gewoon voor de centen. Ik heb daar wel eens een discussie over gehad met een zelfbenoemd coach, die vond dat je alles vanuit passie moet doen, maar ik denk dat een tandarts ook niet altijd met zijn volle zielsgeluk een wortelkanaalbehandeling uit staat te voeren. Zin kun je gewoon maken. 

(Ik zeg niet dat je nu alleen maar goedbetaalde kutklussen aan moet nemen hè, maar ik kan zelf prima leven met klussen die me niet tot het diepst van mijn tenen inspieren, maar wel gewoon mijn omzetdoel voor deze maand dichterbij brengen. En het betekent ook dat ik klussen aan kan nemen die misschien wat minder goed betalen, maar wel heel leuk óf leerzaam zijn). 

Bedenken wat je niet doet
Er zijn trouwens ook dingen die ik bewust niét doe, of niet gedaan heb, om het minder eng te maken. Het eerste is mijn tarief verlagen om beter in de markt te liggen. Ik neem dus ook geen SEO-teksten aan voor anderhalve cent per woord. Dat is namelijk niet leuk en betaalt ook niet goed genoeg om er zin voor te maken. 

Het tweede was langzaam afbouwen in loondienst en rustig opbouwen in mijn eigen bedrijf. Toen ik de beslissing eenmaal genomen had om voor mezelf te beginnen, wilde ik zó graag vol gas gaan, dat ik echt geen aandacht meer op kon brengen voor mijn baan. Niet eerlijk voor de werkgever, niet eerlijk voor mezelf. Dus ben ik van 28 uur in loondienst naar het zzp-leven gegaan. Spannend, maar voor mij de enige manier om het goed aan te kunnen pakken.

Conclusie: niet dapper
Voor mij voelt het dus allemaal niet zo heel dapper. Ik denk dat het vooral belangrijk is om te berekenen of het kan en er vervolgens een een beetje nuchter in te blijven staan. Da’s soms makkelijker gezegd dan gedaan, met alle Instagramcoaches en influencers die je om de oren slaan met wijsheden over ‘high class ondernemen’, werken vanuit passie en liefde en alleen maar dingen doen die je dichter bij je purpose brengen. Hard werken en je hoofd erbij houden, dat is belangrijk. De rest komt allemaal wel. Of niet. Ook best.

*alsof je je kinderen dan als eerste laat verhongeren als de inkomsten tegenvallen.

Als zzp’er ben je zelf verantwoordelijk voor de financiën. Dat klinkt als een open deur, maar het was voor mij heel lang een reden om lekker in loondienst te blijven plakken. Een salaris is zeer comfortabel als je een ramp bent met cijfers. Maar goed, omdat ik verder weinig redenen had om nog in loondienst te blijven, besloot ik me om me maar eens over mijn aversie heen te zetten en te kijken hoe ik het financiële deel goed aan kon pakken.

Na veel lezen en veel YouTube-video’s ben ik op een methode uitgekomen die lichtelijk gebaseerd is op Profit First, maar dan aangepast aan mijn wensen. Het komt erop neer dat ik iedere factuur die binnenkomt, verdeel over 6 potjes. Zo zorg ik ervoor dat ik precies weet hoeveel belasting ik moet betalen, hoeveel geld er in mijn buffer zit en kan ik mezelf maandelijks hetzelfde salaris uitbetalen. En dat maakt zzp’en een stuk minder eng. Ik vond het zelf geen hogere wiskunde, maar omdat ik een complimentje kreeg van een boekhouder over mijn aanpak, deel ik hieronder mijn potjes met je. Let op: deze verdeling is aangepast aan mijn situatie en wensen en niet 1 op 1 over te nemen. Ik zeg het maar even.

Mijn zakelijke potjes:

Het btw-potje – 21%
Van iedere factuur die betaald wordt, is 21% niet van mij. Dat is btw en dat zet ik apart in het btw-potje. Aan het eind van het kwartaal doe ik aangifte, betaal wat ik moet betalen aan de belastingdienst en wat er overblijft (de btw die ik betaald heb), gaat in mijn buffer.

Het belastingpotje – 30%
Ik zet 30% van iedere factuur apart als geld voor de belastingdienst. Dat is vermoedelijk (hopelijk) iets teveel, maar ik heb liever een meevaller dan een naheffing.

Het salarispotje – 30%
Er gaat ook 30% in mijn salarispotje. Daarvan betaal ik mezelf op de 20e van de maand een vast bedrag uit. Wat overblijft, blijft staan voor de volgende maand. 

De buffer – 20% 
Ik ben nog heel druk bezig met het opbouwen van een zakelijke buffer, waarmee ik 6 maanden zonder werk zou kunnen. Inmiddels ben ik over de helft van het bedrag dat ik in gedachten heb. Als de buffer vol is, gaat deze 20% naar een oudedagsvoorziening. Mijn pensioen opbouwen schiet er nu dus even bij in, maar ik hoop dat ik daar dit jaar weer mee kan beginnen. Op dit moment gaat de korte termijn even voor de lange termijn. En bovendien heb ik grootste verwachtingen van mijn anderhalve cryptomunt 😉

Vakantiegeld – 5%
Het allerleukste aan een baan in loondienst is het salaris in mei, als je vakantiegeld erbij zit. Om mezelf dat genoegen te blijven schenken, heb ik een vakantiegeldpotje waar 5% per factuur ingaat. Soms is dat maar een tientje, maar alle kleine beetjes helpen. Uiteindelijk is dit dus ook ‘salaris’, maar dat betaal ik mezelf eens per jaar uit. 

Kostenpotje – 15%
15% van iedere factuur blijft uiteindelijk over op mijn betaalrekening. Daarvan betaal ik de huur van mijn kantoor, verzekeringen, mijn boekhouder, boekhoudpakket, etc.

Hoe heb ik mijn salaris berekend?
Bij het berekenen van mijn salaris ben ik uitgegaan van mijn minimale bijdrage aan de gezamenlijke rekening en een paar honderd euro ‘zakgeld’. Als dat bedrag 30% van de omzet is, wist ik ook hoeveel ik per maand moet omzetten om mezelf dat bedrag te betalen. Dat is dus mijn omzetdoel iedere maand. Om te kijken of dat realistisch is, heb ik berekend hoeveel uren ik per week declarabel moet zijn om dat doel te behalen. Dat is ongeveer 24 uur, driekwart van mijn werktijd. Dat is voor mij realistisch: een kwart van de tijd ben ik echt wel kwijt met administratie, rondlummelen, bellen, koffiedrinken en nadenken 😉

Hoe hou ik mijn administratie bij?
Ik heb mijn bankrekening bij knaB en dat is een hele fijne bank omdat je ook potjes aan kan maken. Bovendien is het niet duur. Verder gebruik ik Moneybird voor mijn facturen en heb ik sinds kort een boekhouder die de rest voor me regelt, want hoewel ik in deze blog wellicht heel gestructureerd oog, ben ik dat niet. Ik heb heel vaak gespijbeld bij economie vroeger.

Dit was mijn spreekbeurt over de financiële kant van het ondernemen. Ik heb nog even nagedacht over bedragen noemen, maar ik merk dat ik daar toch nog een beetje moeite mee heb. Dus dat heb ik lekker niet gedaan. Het rekent misschien iets abstracter met percentages, maar ik hou mijn inkomen toch liever privé. 

Ik heb van 2008 tot 2012 journalistiek gestudeerd. En hoewel mijn man en ik grappend volhouden dat het enige nuttige dat we eraan overgehouden elkaar is, heb ik toch best wat geleerd. Al was het misschien niet altijd datgene wat er in het curriculum van de opleiding stond. Enfin: hierbij de wijze lessen uit mijn hbo-tijd.

1. De journalistieke basics blijven je altijd bij
Het eerste jaar journalistiek startte met een blok krantenjournalistiek. En hoewel me vrij snel duidelijk was dat ik nooit bij een krant wilde werken, was de basis van journalistiek wel heel goed om te leren. Nieuwsberichten opbouwen (5xW+H: wat, wie, waarom, waar, wanneer en hoe), oprolbaar schrijven, koppen maken, bronnen zoeken (‘1 bron is geen bron’), redactievergaderingen organiseren, feedback geven en ontvangen, interviewen: allemaal dingen die ik daar ooit leerde. 

2. Zorgvuldige eindredactie is het verschil tussen een roast en een goed cijfer
Ik had ooit een docent (hallo GJ) die je genadeloos voor lul zette bij het spotten van een dt-fout. Niet aardig, wel leerzaam. Want daardoor leerde je om je teksten nog eens zes keer na te kijken voor je de boel inleverde. En dát zouden meer mensen moeten doen.

3. Ik wil copywriter worden
In 2008 leidde de opleiding journalistiek nog op voor de vorige eeuw. Krant, radio en televisie waren de drie heilige gralen. Aan internet werd nauwelijks aandacht geschonken en alles wat commercieel was stonk. Ik had echter al vrij vroeg door dat ik met een carrière bij de lokale krant nooit een hypotheek zou kunnen betalen. Dus koos ik de richting Verhalen. Dat was een gemengde afstudeerrichting met de opleiding Communicatie en ging over creatief schrijven, copywriting en poëzie. Met les van échte copywriters. Daar, in het derde jaar van mijn studie, had ik eindelijk gevonden wat ik zocht. Ik wilde geen journalist worden, ik wilde copywriter worden.

4. Beter schrijven? Meer lezen!
Van lezen leer je beter schrijven, leerde ik van een docent taalbeheersing. En da’s waar. Romans, non-fictie, korte verhalen, gedichten, tijdschriften, kranten: alles kan je inspireren. Soms zijn het mooie woorden of zinnen, een andere keer een verrassende opbouw of bepaalde interviewvragen die je (in je hoofd of een schriftje) kunt bewaren tot je ze een keertje kunt gebruiken. 

Valentijnsdag 2010: liefde is samen een tosti uit de hogeschoolkantine en een krantje delen. Met mijn inmiddels-man, maar dat wist ik toen nog niet.

5. Met alleen je studie journalistiek kom je er niet
Door alleen braaf je colleges te volgen, opdrachten te maken en dossiers samen te stellen, ontwikkel je jezelf niet als schrijver. Daarom schreef (en schrijf) ik ook in mijn vrije tijd veel. Blogs, korte verhalen, ‘’’’gedichten’’’’ (ik heb een fase gehad waarin

ik dacht dat alles met 

een paar enters

op willekeurige 

plekken

een gedicht was.
Was niet zo.), you name it. En zodra ik de kans kreeg, ben ik als bijbaan SEO-teksten gaan schrijven. Allesbehalve journalistiek verantwoord, maar gezien punt 3 was dit voor mij de perfecte leerschool om handig en snel te worden met teksten. 

En tot slot denk ik dat er veel overeenkomsten zijn met autorijden: als je net je papiertje gehaald hebt, mág je weliswaar de weg op, maar de meeste mensen zijn nog geen bijzonder goede coureurs. Kilometers maken, zowel tijdens als na je studie, blijven het belangrijkst.

Wat heb jij gestudeerd? En welke punten neem je nog steeds met je mee?

Mijn roze studentenkamer <3 Check dat bakbeest van een laptop ook vooral even.

Ik heb al heel veel interviews afgenomen. En aangezien mijn geheugen niet briljant is, is het altijd fijn om aantekeningen te maken tijdens het interview. Maar wat is nu de fijnste manier om een interview vast te leggen, zodat je het daarna ook nog een beetje efficiënt kunt uitwerken? In dit artikel bespreek ik mijn ervaringen.

Een interview opnemen
Langere, persoonlijke gesprekken die face to face plaatsvinden, neem ik het liefste op. Zo heb ik alle aandacht voor mijn gesprekspartner. Voor de dingen die degene zegt, maar ook op de lichaamstaal, de blikken en wat er om ons heen gebeurt. Je luistert beter als je niet ondertussen aan het typen bent. Bovendien vergeten veel mensen binnen no time dat ze opgenomen worden, in tegenstelling tot de letterlijke drempel die een laptop of notitieblok op kan werpen. En hoewel ik het zelf nooit meegemaakt heb, is het fijn als je bij onenigheid over een bepaalde quote (‘dat heb ik nooit zo gezegd’) een bandje hebt. Ik gebruik zelf de app Voice Recorder op mijn iPhone. Werkt prima. Het grote nadeel aan opnemen, is dat je het ook weer helemaal terug moet luisteren (of laten transcriberen, zie punt 4) bij de uitwerking. Kost tijd. En tijd kost geld.

Meeschrijven met een interview
In deze tijd waarin veel interviews digitaal of telefonisch plaatsvinden, typ ik vaak live mee. Ik heb een wordbestandje open met mijn vragen, een ander scherm met mijn interviewkandidaat of een telefoon met oortjes en typ mee met wat degene antwoordt. Het voordeel is dat het in de uitwerking een stuk sneller gaat. Het nadeel is dat je heel snel moet kunnen typen om het gemiddelde spreektempo een beetje bij te benen. Ik heb in de loop der jaren een manier gevonden om een soort steno te typen, met als risico dat ik mijn eigen aantekeningen niet altijd meer begrijp. Ouderwets met een kladblok meeschrijven doe ik eigenlijk nooit, behalve als het echt om 1 quootje gaat. 

Dicteren die hap
In een tijd waarin we steeds meer dingen met onze stem besturen, is het inzetten van je voice assistent ook een oplossing. Ik gebruik het zelf niet vaak, omdat het nog niet altijd even soepel gaat: twee verschillende stemmen onderscheiden lukt meestal niet, de interpunctie is ruk en zeker bij stevige accenten snapt ‘ie er soms helemaal niks meer van. Maar software wordt steeds slimmer en ik verwacht dat dat over een paar jaar echt vlekkeloos werkt. 

Transcribeersoftware
Ooit had ik een bijbaan als transcribeerder. Ik zette urenlange interviews om in tekstbestanden, zodat een journalist daar verder mee aan de slag kon. Gelukkig heb je daar tegenwoordig prima software voor. Mijn favoriet is Amberscript. Je uploadt je geluidsbestand en het programma maakt er een bijna vlekkeloze transcriptie van, die je zelf weer kunt bewerken. 

Voor de tekstschrijvers onder ons: hoe doe jij het?

Sinds 1 september werk ik volledig als zzp’er. Dat heeft heel veel voordelen (zelf je klanten uitzoeken, zelf je werktijden bepalen en geen gedoe meer met rare werkgevers), maar het had voor mij ook een groot nadeel: ik was altijd thuis. Dat is natuurlijk niet alléén maar nadelig, het is ook gezellig en soms best wel handig, maar ik merkte dat ik er een beetje in wegzakte.

Het hielp niet dat mijn werkkamer op de begane grond aan de achterkant van ons huis zit, waar de zon nooit schijnt en het uitzicht bestaat uit kliko’s en een heg. Het hielp ook niet dat die kamer altijd een rommel is, omdat we geen zolder hebben en ieder huis nu eenmaal een plek nodig heeft waar je wat zooi kan dumpen. En het hielp al helemaal niet dat we de helft van de tijd in lockdown zaten, waardoor ik ook niet even kon ontsnappen naar een plek met meer reuring.

Ik had niet zoveel zin meer om me fatsoenlijk aan te kleden. Ik begon op te zien tegen sociale dingen omdat ik zo weinig onder de mensen kwam dat zelfs een live vergadering voelde als het geven van een toespraak voor 20.000 kijkers. Maar ik was vooral al-tijd mama. En dat ben ik natuurlijk sowieso en het is het mooiste wat ik ooit geweest ben, maar ik had er behoefte aan om af en toe even geen kinderen te horen, niet over speelgoed te struikelen en geen wasjes te hoeven draaien. Gewoon, even het huis uit en dan om 17:00 wel weer zien hoe ik het aantref.

Mijn goede voornemen was dus een kantoor huren. Een plekje voor mezelf, om ongestoord te kunnen werken. Via-via had ik wat plekken bekeken, maar het was het steeds net niet: te groot, te duur, te afgelegen. Tot ik twee weken geleden eens op Funda in business keek. Daar keek ik eigenlijk nooit, want ik dacht dat ze daar alleen maar hele dure volledige panden verhuurden en geen kleine kantoortjes voor zzp’ers. Maar je raadt het al: er stond een kantoortje op in een nieuw opgericht verzamelgebouw. 7 minuten van mijn huis, vlakbij het centrum en aan een levendige weg.

Ik belde, ik bezichtigde en zei na vijf minuten al tegen de makelaar dat ‘ie een huurcontract voor me op mocht maken. Het is perfect. Tussen de bezichtiging en het tekenen twijfelde ik nog een paar keer. Is dit wel verstandig? Stel ik me niet gewoon een beetje aan over dit thuiswerken? Moeten we niet nog eens uitzoeken of we ons huis niet kunnen verbouwen? Maar uiteindelijk besloot ik definitief dat ik dit mezelf gun: een eigen plek.

En nu zit ik hier, omringd door via Marktplaats bij elkaar gesprokkelde meubels (ik moet nog even bedenken hoe ik dit precies in mijn administratie ga verwerken) en een heleboel planten. Zielsgelukkig te zijn. In alle rust. Met uitzicht op levendigheid. Ik kom de hele week al vrolijk thuis en krijg bergen werk verzet. Ik spreek af en toe eens een medehuurder, heb al gesuggereerd dat we binnenkort wel eens met zijn allen kunnen borrelen en kleed me elke ochtend netjes aan. Met make-up. En oorbellen.

De beste beslissing van 2021 was om ontslag te nemen en solo verder te gaan. De beste beslissing van 2022 zou wel eens dit kantoortje kunnen zijn.

Vandaag is het twaalf weken na woensdag 1 september. En daarmee is het twaalf weken geleden dat ik voor mezelf begon. Ik wilde eerst ‘zes weken’ typen, maar toen ik het even natelde, bleek dat ik al op het dubbele zat. De tijd vliegt, zo blijkt maar weer. Maar hij vliegt fijn.

Want ontslag nemen en voor mezelf beginnen, zijn nog steeds de beste keuzes die ik in tijden gemaakt heb. Mijn eigen klanten bepalen, zelf mijn tijd indelen, hele dagen schrijven en dat allemaal lekker vanuit huis op mijn pantoffels. I love it.

Ik was bang dat ik misschien geen klanten zou hebben. En daarmee geen omzet. Maar niets was minder waar: de ene na de andere leuke klus komt langsvliegen en zo zit ik al tot aan de kerstvakantie hartstikke vol. Ik maakte een website voor een manege, schreef webteksten voor en over ondernemers, corrigeerde boeken, werkte als invaller voor Flow Media en in de flexibele schil van Enof!, Baas! Communicatie en mijn oude thuishonk The Post, had leuke gesprekken over tenders, magazines en boeken en dook in werelden die ik nog niet ken, zoals de wereld van bodemonderzoek en veldwerk bij Tijhuis Ingenieurs.

Kortom: het ging van links naar rechts en van hot naar her. Precies zoals ik het graag heb. 

En eigenlijk verschilt het helemaal niet zoveel van hoe ik eerst werkte, als copywriter bij een contentmarketingbureau. Ook toen was ik altijd voor meerdere klanten tegelijk aan het werk, maar het grote verschil is dat ik nu mijn eigen afspraken maak, mijn eigen tijd indeel en geen klussen aanneem waar ik geen zin in heb. En dat bevalt me prima.

Ik geniet van stille dagen alleen thuis, met de katten om me heen en mijn koptelefoon op. Van een ochtendwandeling én een lunchwandeling. Van een maandag vrij nemen om de woonkamer te verven en de hele boel in te pakken om een paar dagen vanuit Alicante te werken. Het is fijn om veel thuis te zijn en zonder schuldgevoel om 17 uur de laptop dicht te klappen en de kinderen op te halen. 

De lunchwandeling van vandaag.

Natuurlijk gaat niet alles vlekkeloos. Ik heb heel veel avondjes achter de laptop gezeten omdat ik mijn planning iets te optimistisch ingedeeld had en vervolgens ook nog al die andere ondernemersdingen moest doen, een btw-blundertje gemaakt, gepanikeerd om een lege agenda (die zich vervolgens in een halve dag vulde) en een lager percentage declarabele uren gemaakt dan ik eigenlijk zou willen. Maar ondanks dat heb ik mijn omzetdoelen in de eerste maanden gewoon gehaald, dus misschien is het ook wel prima zo. 

En verder is het vooral de drillsergeant in mijn hoofd die het me af en toe lastig maakt. Die vindt dat het altijd nog wel een stapje productiever kan, dat lunchen ook wel achter de computer kan en een lunchwandeling zonde van de tijd is. Maar het lukt me steeds vaker om die sergeant met zijn snor aan te horen en zijn mening vervolgens naast me neer te leggen. Dus wellicht kan ik binnenkort eens iets geks gaan doen als koffie drinken onder werktijd ofzo. Zonder dat dat voelt alsof ik spijbel. 

Oh my: ik heb mijn baan opgezegd. Vanaf 1 september ben ik zelfstandig tekstschrijver. In deze blogreeks neem ik je mee in dat wat voor mij aanvoelt als een enorm avontuur (maar ik ben dan ook niet zo heel avontuurlijk aangelegd). Vandaag deel 1: over het nemen van de Grote Beslissing.

Ergens in 2014 ging ik, op een vrijdagochtend, naar de Kamer van Koophandel om me in te schrijven als ZZP’er. De exacte aanleiding weet ik niet eens meer, maar volgens mij moest ik een factuur sturen en daar moest een btw-nummer op. Dus had ik een KvK-inschrijving nodig. Voor de vrouw achter de balie was dit duidelijk routinewerk en met een niet al te welgemeend ‘gefeliciteerd met de oprichting van uw bedrijf’ overhandigde ze me een mapje met papieren. Dat was geregeld. Daarna trakteerde ik mijn toen-vriend op taart, om de mijlpaal toch nog een beetje een feestelijk karakter te geven.

In de jaren daarna had ik een aantal losse en een paar vaste opdrachtgevers, maar lag mijn focus eigenlijk altijd op mijn baan in loondienst. Eerst bij in de paardensport als marketing en communicatiemedewerker, sinds 2018 als copywriter bij The Post. Buiten werktijd deed ik wel eens een klus voor een opdrachtgever, maar zeker sinds ik moeder ben, heb ik nauwelijks nog tijd en energie voor dingen naast mijn werk.

Toch bleef het altijd kriebelen. Sinds 2014 zeg ik jaarlijks op 1 januari: ‘Dit jaar neem ik ontslag en ga ik volledig voor mezelf beginnen.’ En steeds deed ik het niet. Twee kinderen, de relatieve zekerheid van een baan in loondienst, de onzekerheid van een ZZP-bestaan, de administratieve en marketinggerelateerde zaken: het waren allemaal redenen om nog het steeds even uit te stellen. 

Tot in januari een vriendin vroeg of ik haar coachee wilde zijn. Ze volgt een opleiding tot loopbaancoach en zocht een vrijwillig slachtoffer. Ik was net terug van zwangerschapsverlof en hoewel ik zeer Goede Voornemens had over werk & privé scheiden, liep dat in week 1 alweer helemaal uit de hand. Dus we gingen in gesprek. Het hele traject zal ik je besparen, maar de laatste opdracht was een vision board maken. Ik maakte een mooie collage die nogal draaide om vrijheid, mooie dingen maken en doen waar ik blij van word. “Waarom doe je dat dan niet?”, vroeg ze me. En tsja. Dat was een goede vraag. Uiteindelijk heb je je geluk zelf in de hand. En mijn werkgeluk ligt -denk ik- nu niet bij een werkgever. 

Ik ga het gewoon doen, besloot ik. Ik schreef een bedrijfsplan, praatte eens met andere zelfstandigen en besloot tijdens een gesprek met een andere vriendin dat ik een deadline moest stellen. Een beslisdatum. Maar zelfs het prikken van een beslisdatum bleef ik een beetje voor me uitschuiven. Koudwatervrees. Tot een dierbare collega me tijdens mijn vakantie een appje stuurde dat ze een andere baan had. Toen dacht ik in een aanval van praktische daadkracht: tsja, als ze 1 nieuwe tekstschrijver moeten zoeken, is het ook fijn om te weten dat ze mij misschien ook moeten gaan vervangen. 

Dus vanuit een safaritent in regenachtig Limburg diende ik mijn ontslag in. Gewoon, zo, hup. Het had lang genoeg geborreld in mijn hoofd, ik ga ervoor. Vanaf 1 september ben ik vogelvrij. Let’s do it.