Tag

zwanger

Browsing

20 november komt steeds sneller dichterbij. Nog een week of 8 en we hebben weer een ieniemienie baby in huis. En daarom wilden we graag nog even met zijn tweetjes weg: nog heel even wat rust absorberen voordat we straks weer volop in het ritme van verschonen-voeden-slapen zitten, dit keer mét een peuter erbij. Waar we bij nummer 1 nog een week naar Berlijn gingen, gingen we dit keer een nachtje weg in eigen land. Naar een tiny house vlakbij Doesburg, op Droomparken Marina Strandbad.

Maar eerst: een middagje slenteren door Zutphen. Drie kwartier rijden, maar ik was er nog nooit geweest. We begonnen met koffie en appeltaart in het zonnetje en slenterden vervolgens verder door alle schattige straatjes. Gewoon, lekker doelloos rondwandelen. In alle rust. Zalig.
We lunchten bij het Genietcafé in Zutphen. Was leuk, niet heel bijzonder qua eten, maar op een prachtige locatie in een oud hofje.
Mooi hoor, Zutphen.

Om een uur of drie waren mijn dikke buik en ik wel uitgeslenterd en via de plaatselijke AH (voor de borrel en ontbijt) reden we naar ons huisje in Olburgen. Het lag dus op een bungalowpark. Ik heb een mild Center Parcs-trauma, maar ik moet zeggen dat dit park echt prima te doen was. Volgens mij zijn veel huisjes particulier bezit én het hele park is net nieuw, waardoor het er allemaal netjes uit zag en lekker rustig was. Nadeel was wel dat het nog een beetje kaal was, de beplanting is nog jong. Ik denk dat het er over een paar jaar een stuk gezelliger uitziet.

Ons tiny house for the night!
Van binnen zag het er zo uit. Tiny, maar ruim genoeg voor 2 personen en alles zat erin. Zelfs een houtkachel, maar we hadden meer behoefte aan airco 😉
Uitzicht vanaf het terras. De huisjes (allemaal verschillende tiny houses) stonden in een cirkel om een gezamenlijke buitenplaats heen, waar je een fikkie kon stoken en zelfs een soort hot tub stond, in een oude bouwcontainer. Lijkt me ook heel leuk om een deel van deze huizen te huren voor een corona-proof familieweekend. Allemaal een eigen huisje en dan ‘s avonds met zijn allen om het vuur. Maar nu waren we lekker met zijn tweetjes. En een zootje wespen.

We dronken (alcoholvrije) biertjes in de zon, terwijl we met de pootjes omhoog een boek lazen en om de vijf minuten verzuchtten hoe heerlijk deze rust was. En bekeken tien keer achter elkaar het door oma gestuurde filmpje van S. omdat ze zo schattig was. Want zo zijn we tegenwoordig. Tegen zevenen reden we naar Doesburg (aan de overkant van de IJssel) om te gaan eten. We aten bij restaurant de Liefde, want daar was de vegetarische kaart nog een beetje interessant. Het eten was prima, de eigenaren ontzettend lief en het restaurant prachtig non-ironisch kitscherig ingericht. Het was een fijne avond.

De nacht brachten we door onder de sterrenhemel. Hoe romantisch.
En zondagochtend sliepen we uit, lazen kranten en boeken in bed en aten pannenkoeken met fruit in bed. Leve laat uitchecken!
Tegen twaalven pakten we onze spullen, stapten in de auto en reden weer richting Zwolle. We wilden eerst een tussenstop maken in Deventer, maar besloten om nog iets verder door te rijden, naar landgoed de Haere in Olst. Lekker lunchen, nog een klein stukje wandelen en vooral: genieten van de septemberzon.
Na de tosti volgden we een wandelroute over het landgoed en ontdekten zo het bestaan van de IJssellinie: een waterlinie uit de Koude Oorlog, die ons land moest beschermen tegen de Russen. Met het in werking zetten van dit plan zou een 127 kilometer lange en drie tot tien kilometer brede strook land tussen Nijmegen en Kampen onder water worden gezet. De Russen kwamen echter niet, dus het plan is nooit in werking gesteld, maar veel van de bunkers en andere onderdelen zijn op Landgoed de Haere nog (van buiten) te bekijken. Interessant stukje geschiedenis!

En zo kwam ons weekendje weer ten einde. Wat was het fijn om er weer even samen tussenuit te zijn, ongestoord te slapen en rustig te kunnen lezen in de zon. Een goede reminder om er af en toe lekker met zijn tweetjes tussenuit te gaan. En dat hoeft dus niet eens heel ver weg of lang te duren. Een nachtje op een uur van huis is al genoeg om bij te tanken.

Bijna 26 weken zwanger ben ik nu. Op 12 maart 2020, om half zeven ’s ochtends, verscheen de boodschap ‘zwanger 1-2 weken’ in het schermpje van de digitale Clearblue-test. Ik kan me mijn eerste reactie eigenlijk niet meer herinneren, maar in de weken daarna, waarin we met zijn drieën aan huis gekluisterd waren, overheerste de onzekerheid. De miskraam vlak voor Kerst had er behoorlijk ingehakt, merkte ik. Die Clearblue van 12 maart was dam ook niet de laatste test, minimaal eens per week wilde ik nog even checken of het nog goed zat, al stapte ik later wel over op het huismerk van Kruidvat, gezien de kosten. Ieder wc-papiertje werd uitgebreid gecheckt op de aanwezigheid van bloed en ik constateerde dat de bedenker van het wc-papier met roze bedrukking zelf nooit een miskraam heeft gehad.

Een paar dagen later kwam daar de misselijkheid bij. En hoewel ik groen van ellende over de bank gedrapeerd hing, genoot ik van de bevestiging. De misselijkheid bevestigde de aanwezigheid van hormonen, de groei van het klompje cellen in mijn buik. De talloze Zoom-meetings deed ik met een emmertje naast me en de zorg voor S. kwam voor een groot deel neer op mijn wederhelft, die ondertussen ook zíjn werk in goede banen probeerde te leiden. Het was een geluk bij een ongeluk, die rustige weken thuis. Ik heb me regelmatig afgevraagd hoe ik tijdens mijn eerste zwangerschap, toen ik ook behoorlijk misselijk was, gewoon gefunctioneerd heb.

Ik hoopte, tegen beter weten in, dat ik me rond twaalf weken beter ging voelen. Twaalf werd veertien, veertien werd zestien en pas rond de twintig weken ging het dagelijks kokhalzen en overgeven naar een incidenteel braakje. Al moet je me nog steeds geen vuilniszak laten vervangen. Maar daar heb ik sowieso een hekel aan.

Wat er wel rond twaalf weken veranderde, was de introductie van het Pijnlijke Bekken. Waar ik in mijn vorige zwangerschap fluitend rondwandelde tot het einde, waggelde ik nu na drie maanden al als een gans. Kalm aan doen, is het advies. En dat lijkt te helpen, ook tegen de altijd aanwezige vermoeidheid. Met een beetje pijn in mijn hart ben ik drie in plaats van vier dagen gaan werken en slaap ik overdag met de peuter mee. Ik volg een cursus yoga, lees, luister en kijk alles wat er te vinden is over mooie bevallingen en plan verder zo weinig mogelijk. Het doet me goed.

Meer dan ooit ben ik me bewust van het feit dat mijn lichaam een mensje aan het maken is. Een mensje dat nu al schopt, draait, stuitert, hikt en zich uitrekt in mijn buik. Dat nu zo groot is als een venkel (met of zonder die sprieten, Prenatal?) en mijn stem kan horen. Waar ik vroeger altijd team ‘zwangerschap is geen ziekte’ was, merk ik nu dat het geen schande is om het even rustiger aan te doen terwijl mijn lijf voor de tweede keer een topprestatie levert. Kijkend naar mijn bewegende buik weet ik dat wij nu even het allerbelangrijkste zijn. Ze fluit me terug en roept me tot orde, leert me dat het goed is om soms even voor jezelf te kiezen. Dat werk niet het belangrijkste is, maar dat mijn gezin het middelpunt van mijn universum is.

Het is een wijs kind, nu al.  

Toen de COVID-19-storm een beetje leek te gaan liggen, besloten we dat we er graag nog even tussenuit wilden deze zomer. Maar wel op een relatief veilige manier, dus niet in een drukke stad. Omdat alle huisjes op het platteland sneller uitverkocht waren dan het toiletpapier bij AH half maart, besloten we dit jaar weer eens te gaan kamperen.

Nu moet je weten dat mijn grote liefde in principe een hekel heeft aan kamperen, dat ik op het moment van plannen amper zonder hulp van de bank op kon staan wegens bekkenklachten door de zwangerschap én dat we geen tent hadden waar we met zijn drietjes inpasten. Kortom: er kon bijna niets misgaan.

Het laatste probleem was met dank aan Marktplaats snel opgelost. Voor 120 euro kochten we een amper gebruikte Ten Cate-tent, die mijn wederhelft op een regenachtige zaterdag opgehaald heeft in een dorp ergens waar Friesland naadloos overgaat in de Waddenzee. Een paar weken later hebben we hem eens opgezet in de tuin van mijn schoonvader en kwamen erachter dat we behalve de essentiële scheerlijnen niets misten.

De wederhelft kwam ondertussen tot het inzicht dat hij kamperen met temperaturen onder de 25 graden en zonder zon het allerergst vindt, dus besloten we voor een redelijk zonzekere bestemming te gaan. Zuid-Frankrijk, here we come. Kwamen we bij de grootste uitdaging: zwanger kamperen met bekkenklachten. Kan dat? Na enig googlen, overleg met de verloskundige en mijn bekkenfysio kwam ik tot de conclusie dat het best moest kunnen, al was het met wat aanpassingen.

Slapen
Een goed bed was mijn eerste prioriteit. Waar we voorheen altijd op dunne self-inflating matjes van Perry Sport sliepen, waarvan je nooit wist of ze nou lek waren of altijd al zo dun, hebben we nu besloten om niet te bezuinigen op slaapcomfort. We hebben twee Redwood Stretch Limousine 10-matten gekocht, slaapmatten van 10 centimeter dik, gevuld met schuim. Daardoor liggen ze serieus bijna net zo lekker als ons bed thuis. Best fijn, want die twee matten samen waren ook bijna net zo duur als ons matras 😉

Zitten
Een stoel op fatsoenlijke hoogte, met een goede rugleuning, leek me ook heel fijn. We kochten vrij simpele exemplaren van de Lidl en met een voetenbankje erbij zat ik als een koningin voor mijn tent.

Plassen
Zwangere vrouwen moeten ’s nachts vaak plassen. Ik zag mezelf echt niet midden in de nacht naar het toiletgebouw lopen, dus hebben we een plasemmer gekocht. Ideaal.

Opstaan en bukken
Op de camping bevind je je vaak laag bij de grond. Je bed is laag, je spullen liggen in tassen op de grond en, zeker met een peuter, zit je vaak op de grond te spelen of in een pierenbadje. Van de fysio en yogajuf heb ik wat goede tips gekregen om verantwoord op te staan vanuit zit- of lig houding op de grond en daar heb ik bewust op gelet. Duurt wat langer, maar je bekken is je dankbaar.

Maar hoe beviel het nou?
Goed! Eigenlijk had ik veel minder last van mijn bekken dan thuis, omdat ik amper trappen liep, het rustig aandeed en zitten, staan en lopen veel meer afwisselde dan tijdens een gewone kantoordag. Op reisdagen kwam ik soms wat stijfjes uit de auto, en na een gebroken nacht met de peuter op 1 mat was ik ook behoorlijk gebroken, maar het is me enorm meegevallen. Zwanger kamperen kan dus prima. Maar neem wel je plasemmer mee.